Op weg naar een nieuwe wereldorde?

print
 

Zes eeuwen lang bepaalde de westerse economische en militaire macht wereldwijd de regels van het spel. Dit is nu aan het veranderen. Niet langer worden de economische wereldproblemen opgelost in de G7, maar in de G20. Het lijkt erop dat de context waarbinnen de economie zich ontwikkelt nu zo verandert dat een nieuwe aanpak nodig is om inzicht te krijgen in toekomstige ontwikkelingen. Hoe ziet die veranderende context er dan uit?

Door Prof. dr. Rob de Wijk

De kredietcrisis was een wake-up call voor degenen die dachten dat het financiële stelsel robuust en stabiel was. Zwartkijkers, zoals de Amerikaanse economiehoogleraar Nouriel Roubini, zagen de crisis aankomen. Al in september 2007 betoogde deze ‘Dr. Doom’ voor een gehoor van topeconomen dat de huizenzeepbel uiteen zou spatten. Daardoor zou het consumentenvertrouwen worden aangetast en de economie in een diepe recessie terechtkomen. Hierdoor zouden banken ten onder kunnen gaan, net zoals grote financiële instellingen als Fannie Mae en Freddie Mac. Zijn gehoor reageerde sceptisch en in een reactie verweet de econoom Anirvan Banerji dat Roubini geen gebruik had gemaakt van de gangbare mathematische modellen en dus belangrijke informatie miste.

De context waarbinnen de economie zich ontwikkelt, lijkt nu zo te veranderen dat gebruikmaken van modellen op basis van historische reeksen steeds minder inzicht in toekomstige ontwikkelingen geeft. Analisten zullen steeds nadrukkelijker kwalitatieve en kwantitatieve analyses combineren om inzicht in plausibele toekomstige ontwikkelingen te krijgen. Dit vereist een combinatie van kwantitatieve historische gegevens en kwalitatieve foresight studies. Daarmee wordt het beter mogelijk om inzicht in de effecten van toekomstige trends te krijgen. Deze aanpak eist dat internationale ontwikkelingen op de voet worden gevolgd en dat men aanvaardt dat schokken zich op elk moment kunnen voordoen. De crux zit hem in het onderkennen van vroegtijdige, zwakke signalen om beter te kunnen anticiperen. In deze bijdrage schets ik de veranderende context.

Systeemcrises
Het lijkt vrijwel zeker dat de volatiliteit van de internationale betrekkingen gaat toenemen. En toenemende volatiliteit is slecht voor het vertrouwen, dus slecht voor de macro-ontwikkeling van de economie. Maar ook zijn er grote kansen voor beleggers en investeerders en nieuw beleid, mits de politiek de signalen onder ogen wil zien. Dit vereist inzicht in de samenhang der dingen. Voor het eerst in de geschiedenis lijken crises op systeemniveau plaats te vinden, samen te vallen en elkaar te versterken.

Een voorbeeld: neodymium is een zeldzaam aardmetaal dat gebruikt wordt voor sterke magneten in elektromotoren. Het mineraal wordt onder meer toegepast in de elektromotor van de Toyota Prius en in windmolens. Neodymium is dus van belang voor de omschakeling naar een duurzame economie, en die omschakeling is nodig om de opwarming van de aarde tegen te gaan. Maar neodymium is schaars, wordt vrijwel uitsluitend in China gedolven en een alternatief is nu niet voorhanden. Omwille van de eigen economische ontwikkeling heeft China een exportrestrictie van zevenduizend ton afgekondigd waardoor er serieuze vraagtekens kunnen worden gezet bij de technische mogelijkheden om te verduurzamen.

Dit voorbeeld geeft aan hoe vier systeemcrises verweven zijn: het wereldwijde klimaat, de wereldwijde voorziening van grondstoffen en geopolitieke verschuivingen die zichtbaar zijn door de toegenomen macht van Azië, in het bijzonder China. De financiële crisis, de vierde systeemcrisis, heeft als onvoorzien bijeffect gehad dat deze ontwikkeling, die al jaren door experts wordt bestudeerd, in een stroomversnelling is gekomen.

Geopolitieke verschuivingen
In een aantal rapporten over de toekomst hebben de Amerikaanse inlichtingendiensten, samenwerkend in de National Intelligence Council (NIC), deze ontwikkelingen ook onderkend. De NIC ziet in Global Trends 2025: A Transformed World als zekerheid dat de macht van de Verenigde Staten afneemt. Het gaat hier niet om een absolute machtsafname, want het gat tussen Amerika en de opkomende BRIC-landen (Brazilië, Rusland, India en China) blijft groot. Ter vergelijking: de Verenigde Staten hebben per hoofd van de bevolking nog steeds een inkomen van 47.000 dollar, terwijl China op slechts 2.900 dollar zit. Het gaat hier om relatieve machtsachteruitgang, veroorzaakt door de omvang van landen als China en India en de rise of the rest. De enorme bevolkingsomvang verklaart waarom China inmiddels de grootste automarkt en het grootste exportland ter wereld is.

Hoe erg is dit? Als er een grote koopkrachtige vraag in Azië ontstaat, is dat goed voor onze export. Maar tegelijkertijd weten experts op het gebied van de internationale betrekkingen dat macht een optelsom is van economische en militaire macht. En het vergaren van macht is voor landen doel op zich. Ook op dat laatste punt maakt China indrukwekkende vorderingen. Voor het eerst sinds de vijftiende eeuw worden oorlogsschepen buiten de eigen kustwateren ingezet ter bescherming van Chinese schepen tegen Somalische piraten. China koppelt daarmee economische ontwikkeling aan de bescherming van belangen. Voorlopig liggen die belangen vooral in Afrika, waar aan de lopende band acquisities worden gedaan. Een greep uit het lijstje van 2009: 40 procent van de Soedanese en 40 procent van de Angolese olie gaat naar China; met Guinee wordt onderhandeld over 7 miljard aan investeringen in infrastructuur in ruil voor grondstoffen zoals olie, bauxiet en ijzererts; met Liberia is onderhandeld over een verdrag van 2,6 miljard dollar om ijzererts te mogen exploiteren; met Nigeria wordt gesproken over exploitatie van 15 procent van de oliereserves ter waarde van 30-50 miljard dollar; Niger kreeg een lening van 95 miljoen dollar voor de exploratie van een uraniummijn; met de Democratische Republiek Congo is een deal van 9 miljard dollar gesloten voor infrastructuur-voor-mineralen en Zuid-Afrika is nu de grootste handelspartner. Tot slot kreeg Zimbabwe een lening van 950 miljoen dollar, in ruil voor wapendeals en afspraken over de levering van nikkel, koper en kobalt.

Voor China zijn dit soort deals cruciaal. De economische groei is gebaat bij de gestage toevoer van grondstoffen. Op zijn beurt is economische groei noodzakelijk om sociale onrust te voorkomen. Nu al vinden naar schatting jaarlijks 100.000 incidenten plaats die duiden op sociale problemen. In China wordt sociale onrust afgekocht door toenemende welvaart. Het waarborgen van groei wordt daarmee gekoppeld aan het voortbestaan van het communistische regime. Dit verklaart de nauwe politieke relatie die met grondstoffenleveranciers wordt aangegaan; de Chinese krijgsmacht die expeditionair wordt om belangen elders in de wereld te beschermen; de protectionistische maatregelen, zoals exportrestricties voor schaarse aardmetalen, die worden genomen; de officieuze eis dat Chinezen vooral Chinese producten moeten kopen; en eenzelfde officieuze eis om eindproducten zoveel mogelijk in China te fabriceren. Dat laatste leidde ertoe dat Wärtsilä in januari van dit jaar noodgedwongen besloot zijn scheepsschroevenfabriek van Drunen naar China te verplaatsen. Als deze trend doorzet, verdwijnt een deel van de high tech-industrie van Europa naar China.

De noodzaak van economische groei verklaart ook China’s houding ten aanzien van het klimaatakkoord van Kopenhagen. De leiders in Peking zien in dat de CO2 moet worden teruggedrongen en dat de vervuiling in het land zelf een bedreiging voor economie en samenleving wordt. Maar voorlopig mogen milieumaatregelen de groei niet remmen en lijkt te worden ingezet op technologische innovaties die op termijn hun vruchten af moeten werpen.
Klimaatverandering en grondstoffen
Zelfs klimaatsceptici zijn het erover eens dat de aarde opwarmt. Binnen de wetenschappelijke wereld is er momenteel consensus over het feit dat dit tot instabiliteit en zelfs conflicten kan leiden. Het conflict in Darfur, een deel van Soedan, wordt als het eerste klimaatconflict gezien omdat bewoners uit de verdrogende gebieden naar betere gebieden trekken, wat tot conflict met de lokale bewoners heeft geleid. Lokale conflicten en vluchtelingenstromen lijken het directe gevolg van de opwarming van de aarde.

Zoals gezegd, is de grondstoffenproblematiek nauw verweven met het klimaatvraagstuk. De wereldvoorraden lijken beperkt. Het grondstoffenoverzicht toont de voorraden van een aantal belangrijke mineralen bij gelijkblijvende en stijgende consumptie. Het goede nieuws is dat de wereldvoorraden al jaren op peil blijven (als de voorraden opraken, worden de inspanningen vergoot om nieuwe te vinden), maar het is onduidelijk of dit een garantie voor de toekomst biedt. Zeker is dat de vraag sterk zal toenemen door groei van de opkomende landen en de groei van de wereldbevolking. Het lijkt ook evident dat daardoor ten minste de relatieve schaarste wordt vergroot. Dit zal leiden tot prijsexplosies en mogelijk (handels)conflicten als bijvoorbeeld China vasthoudt aan het huidige beleid van protectionisme en het verkrijgen van grip op grondstoffenvoorraden elders in de wereld.

De grondstoffenproblematiek wordt vergroot door de directe relatie tussen grondstoffen en conflicten. Van de achttien grote conflicten die sinds 1990 plaatsvonden, zijn zestien aan grondstoffen gerelateerd. Bovendien is er een relatie tussen conflicten en landen met een overwegend jonge bevolking. De aanwezigheid van grondstoffen en een lage gemiddelde leeftijd van de bevolking blijkt een explosieve mix te kunnen opleveren als landen behept zijn met een slecht bestuur. Het Midden-Oosten is daarvan het meest sprekende voorbeeld. Maar feitelijk lijden de meeste grondstoffenrijke landen in Afrika hieronder.

Gevolgen
Wat zijn de gevolgen voor de westerse wereld? Voor het eerst sinds de vijftiende eeuw lijkt de macht van het Westen tanende. De gevolgen laten zich raden. De gehele wereldordening, met inbegrip van internationale instituties als de VN en het IMF, alsmede het internationale recht, is een westerse vinding. De westerse economische en militaire macht zorgde binnen deze ordening voor een shaping power die ongekend was in de wereldgeschiedenis: wij westerlingen bepaalden de regels van het spel. Dit is nu aan het veranderen. De opkomst van de G20 is veelzeggend. Niet langer worden de economische wereldproblemen opgelost in de G7. Sinds de top van Pittsburg vorig jaar wordt dat vooral gedaan in de G20. De Verklaring van Pittsburg erkende de nieuwe realiteit en gaf de opkomende landen een grotere stem.

Zeker is dat de systeemcrises waarover ik sprak moeilijker kunnen worden opgelost als meerdere krachtige partijen aan tafel zitten. Bovendien is het multipolaire systeem dat nu ontstaat minder stabiel dan de wereldorde die wij tot nu toe kennen. Is dat erg? Het is maar hoe je ertegen aankijkt. Veranderingen in de wereld leiden per definitie tot onzekerheid en mispercepties over elkaars bedoelingen. Dat dit leidt tot aantasting van het vertrouwen van burgers hoeft geen betoog. Dit wordt verergerd als fundamentele belangen op het spel staan, zoals toegang tot grondstoffen omwille van de economische groei. Anderzijds biedt de nieuwe dynamiek nieuwe kansen, zowel economisch als politiek. Het antwoord op deze ontwikkelingen is meer eenheid binnen Europa om in de internationale politiek gezamenlijk kracht te kunnen ontwikkelen. Maar ook moet volop worden ingezet op innovatie en duurzaamheid om de concurrentiepositie en onafhankelijkheid te vergroten.

Rob de Wijk
Prof. dr. Rob de Wijk is op 1 februari 2007 gestart als directeur van het Den Haag Centrum voor Strategische Studies (HCSS). Dit centrum richt zich op nationale en internationale veiligheid, inclusief terrorisme en defensie. Bovendien is hij sinds 2000 professor Internationale Betrekkingen aan de Universiteit Leiden. Van 1999 tot 2008 was hij hoogleraar Internationale Betrekkingen aan de Koninklijke Militaire Academie (KMA). Als deskundige op het gebied van internationale betrekkingen en veiligheidszaken is hij een veelgevraagd commentator bij internationale ontwikkelingen en crises.

Henk Edgar

“Onze cliënten moeten kunnen rekenen op een zorgvuldige dienstverlening bij een bank met een goede naam.”

Henk Edgar, Compliance Officer

Colofon

Website: www.meespierson.nl
Contact:
Wilt u ons mailen?
Klik hier
Wilt u ons bellen?
Klik hier
Bent u geen cliënt?
Dan vindt u hier onze contactgegevens
Disclaimer Disclaimer beleggingsinformatie Standard & Poor's
Privacy